Vraag een ondernemer naar zijn meest irritante klant en hij begint over die vreemde van Marktplaats. Degene die op de cent afdong, drie keer belde om te vragen of het écht niet goedkoper kon, en uiteindelijk afhaakte omdat iemand anders het voor een tientje minder deed. Vervelend, dat wel. Maar niet je slechtste klant.
Je slechtste klant heeft je verjaardag in zijn telefoon staan. Het is je zus, je beste vriendin, de buurvrouw die al twintig jaar over je heg kletst. Het zijn de mensen van wie je het minst zou verwachten dat ze je een poot uitdraaien, en precies daarom doen ze het.
Inhoudsopgave
"We zijn toch familie?" is geen compliment, het is een onderhandeling
De zin valt altijd op hetzelfde moment. Je hebt net je prijs genoemd, er valt een kleine stilte, en dan komt het. “Maar we zijn toch familie?” Of de vriendenvariant: “Doe je niks voor me, als maatje?”
Het klinkt als warmte. Het is een korting die je geacht wordt cadeau te doen omdat jullie elkaar kennen. En het bizarre is: het zijn juist deze mensen die het beste weten hoe hard je werkt. Ze hebben je zien zwoegen op die opdracht, ze hoorden je klagen over die deadline, ze weten dat je ’s avonds nog achter je laptop zat. Een vreemde gokt naar wat jouw werk waard is. Je familie weet het. En vraagt alsnog om korting.
Een onbekende die afdingt, doet dat omdat hij je niet kent. Je nicht die afdingt, doet dat terwijl ze precies weet wat erin gaat zitten. Laat dat even bezinken.
Ze liegen tegen je. Uit liefde. Maar ze liegen.
Hier wordt het pas echt vervelend. De korting is tot daaraan toe, dat kost je hooguit wat geld. Dit kost je je vakmanschap, en dat merk je pas als het al te laat is.
Vrienden en familie vertellen je niet de waarheid over je werk. Ze willen je gevoelens sparen, dus houden ze hun mond. Je laat je nieuwe website zien, je vraagt wat ze ervan vinden, en je krijgt “mooi hoor” terug. Geen kritiek, geen vragen, geen “die kop boven aan de pagina snap ik niet”. Gewoon “mooi hoor”, want ze houden van je en willen geen ruzie over jouw broodwinning.
Een vreemde zegt gewoon dat hij het menu op je site niet kan vinden. Die heeft niks te verliezen. Je beste vriendin slikt diezelfde opmerking in, want straks zit het scheef tussen jullie. En zo bouw je verder op feedback die nergens op slaat, omdat de mensen die je het eerst vertrouwt, je het laatst de waarheid vertellen.

Hoe ik mijn nagels liet doen door iemand die naar een oerbos verhuisde
Ik mag dit roepen, want ik doe het zelf ook aan de andere kant van de toonbank. Mijn beste vriendin deed nagels. Goede ook. En zij besloot te verhuizen naar de andere kant van de wereld, oftewel Duitsland, naar een plek waar haar achtertuin van een halve hectare letterlijk overgaat in oerbos. Zonder mij, mag ik eraan toevoegen. Maar haar man mocht wel mee. Hoe ze het in haar hoofd haalde, weet ik nog steeds niet.
Voor ze vertrok, liet ik mijn nagels nog een laatste keer door haar doen. En weet je wat ik deed? Ik betaalde de volle mep. Niet de helft, niet “doe maar wat”, niet een fles wijn als ze het zelf niet durfde te benoemen. Gewoon de prijs die op haar lijst stond.
En dat deed ik niet om mezelf op de borst te kloppen. Ik weet gewoon hoe het is om je rekeningen te betalen met je vak. Als je écht van iemand houdt die voor zichzelf werkt, dan betaal je wat het kost. Zo laat je zien dat je hun werk serieus neemt. Vraag je korting, dan zeg je eigenlijk het tegenovergestelde.
De vriendenprijs is een cadeau dat jij geeft, geen recht dat zij pakken
Hier zit het hele probleem in één regel. Het verschil tussen een leuke geste en een uitgeklede ondernemer ligt in wie de korting initieert.
Geef jij uit eigen beweging een vriendenprijs omdat je het leuk vindt? Prima. Dat is gul, dat is jouw keuze, en je voelt je er goed bij. Maar zodra de ander de korting vraagt, claimt, of er stilzwijgend van uitgaat, ben je je grens kwijt. Dan werk je voor iemand die je vriendschap als kortingsbon gebruikt.
Dus spreek de prijs van tevoren uit. Helder, zonder dat verontschuldigende toontje, voordat het werk begint. “Dit is mijn tarief, voor jou doe ik X” of gewoon “dit is mijn tarief”. Spreek je het vooraf af, dan is het een prijs. Begin je het gesprek pas als het werk al loopt, dan sta je te bedelen om je eigen tarief.
En de eerlijke feedback die je niet krijgt? Vraag het ergens anders. Vraag het aan een klant, aan een vakgenoot, aan iemand die niks te verliezen heeft als hij zegt dat het niet werkt. Je vrienden zijn er voor de borrel, niet om je werk tegen het licht te houden.
Nee zeggen is een vak, en ik heb er apart over geschreven.
De mensen die het meest van je houden, zouden je beste ambassadeurs moeten zijn
Dat is het zuur van het hele verhaal. De mensen die je werk het beste kennen, die het van dichtbij zagen groeien, die het hardst zouden moeten roepen hoe goed je bent, zijn vaak degenen die er het minst voor willen betalen en het minst eerlijk over zijn.
Het hoeft niet zo te zijn. Maar dan moet je het zelf rechtzetten, want zij gaan het niet doen. Noem je prijs. Vraag je feedback elders. En de volgende keer dat iemand “we zijn toch familie” zegt, mag je daar gerust op antwoorden dat je het daarom juist niet gek vindt dat ze je gewoon betalen.
Wie van jou houdt, gunt je een volle agenda en een betaalde rekening. De rest gunt je een korting. Aan wie ben jij je weekenden aan het weggeven?






